Bijdrage Esmé Wiegman aan het algemeen overleg Euthanasie.

woensdag 30 november 2011 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Esmé Wiegman-van Meppelen Scheppink als lid van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een algemeen overleg met minister Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Onderwerp:   Euthanasie

Kamerstuk:   32 647

Datum:            30 november 2011

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Voorzitter. De kabinetsreactie op het KNMG-standpunt De rol van de arts bij het zelfgekozen levenseinde is ronduit positief; positief over de gevolgde procedure en positief over het resultaat. De fractie van de ChristenUnie heeft echter vragen over dit standpunt van de KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst). In de beantwoording van de schriftelijke vragen stelt de minister: "Daarbij is het de professionele verantwoordelijkheid van de arts om de patiënt tijdig door te verwijzen wanneer hij of zij om principiële reden het verzoek niet wil inwilligen." Het gaat hier om het verzoek om euthanasie en niet om normaal medisch handelen. Van een professionele verantwoordelijkheid om door te verwijzen kan toch geen sprake zijn? Als een arts niet doorverwijst, is hij dan een weigerarts? Is het medisch tuchtrecht dan op hem van toepassing? Voor een arts staat de zorgplicht bovenaan. Het zou voldoende moeten zijn om te stellen dat een arts goed dient te luisteren naar zijn patiënt. Mensen zullen zich ervan bewust moeten zijn dat de Euthanasiewet niet voorziet in rechten, maar enkel een strafuitsluitingsgrond biedt voor artsen. Graag een reactie.

De minister juicht het standpunt van de KNMG toe als een behulpzame verduidelijking. Mijn fractie, maar ook een groot aantal artsen die ik ken, zijn veel kritischer. Het gaat om een nadere interpretatie van de wet en lijden aan het leven lijkt als een soort extra officiële indicatie te worden gezien. Het lijkt ook wel alsof de KNMG zorgvuldigheidscriteria verwart met geldende criteria. Het gaat dus om interpretaties van de wet. Juist in dit geval is dan spreken over onjuiste interpretaties ook een interpretatie. Graag een reactie.

De ChristenUnie heeft ook zorgen over de toenemende werkdruk bij regionale toetsingscommissies. Vorig jaar was er een grote stijging in het aantal meldingen te zien. Ik heb gehoord dat er dit jaar al 17% meer meldingen zijn dan vorig jaar. Er liggen duizend dossiers te wachten. Dit zet een zorgvuldige toetsing zwaar onder druk. Wat gaat de minister hieraan doen?

De ChristenUnie heeft ook grote vragen bij het nieuws van kortgeleden dat er voor het eerst euthanasie is gepleegd op een zwaar dementerende patiënte. Ik heb het oordeel van de regionale toetsingscommissie in dit geval gelezen. Normaal gesproken verloopt het inroepen van advies van een tweede SCEN-arts via het SCEN-meldingsbureau. In dit geval is dat niet gebeurd en is rechtstreeks een arts benaderd. Leidt deze casus tot een nieuwe werkwijze? Als een huisarts wil instemmen met een ingewikkeld verzoek voor euthanasie bij een dementerende, moet hij naar SCEN-arts Constance de Vries vragen die zich zo positief in de media heeft uitgelaten over euthanasie bij een dementerende en dan is de kans groot dat het wel goed komt. Terwijl ik dit uitspreek, zie ik ook zomaar voor me hoe de door de NVVE (Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde) voorgestelde euthanasiebrigades kunnen gaan werken. Juridisch gezien allemaal heel erg dubieus. De Euthanasiewet stelt de aanwezigheid van een behandelrelatie met de arts niet expliciet als eis, maar zonder zo'n relatie kan een arts nauwelijks in staat worden geacht om een zorgvuldige afweging te maken. Voor zover je de term "weigerarts" al in de mond wilt nemen, is wel duidelijk hoe artsen onder druk gezet kunnen worden. Dit mag natuurlijk niet gebeuren. De ChristenUnie vindt het ook niet wenselijk dat op internet te vinden is wat het standpunt is van een SCEN-arts aangaande euthanasiegevallen die hebben plaatsgevonden.

Dit euthanasiegeval roept ook de vraag op bij mijn fractie wie de toetsingscommissies toetst. De laatste tijd heeft na het oordeel van een toetsingscommissie zelden nader onderzoek plaatsgevonden en zijn er weinig verdere maatregelen genomen. De commissie Gelijke Behandeling en andere soortgelijke commissies zijn altijd toetsbaar, alleen euthanasiecommissies zijn dat bij positieve beschikkingen per definitie niet. Een toetsingscommissie moet ook toetsbaar zijn. Graag een reactie.

Ik vraag de minister ook om het oordeel van het Openbaar Ministerie over het oordeel van de regionale toetsingscommissie over het recente geval van euthanasie bij een vrouw met vergevorderde dementie, waar ik zojuist al over sprak. Ik besef dat dit niet gebruikelijk is. De wet voorziet hier niet in, maar er is eigenlijk sprake van een gat in de wet op het moment dat omstanders of andere betrokkenen of deskundigen reden hebben om te vermoeden dat de gang van zaken in strijd met het oordeel van de toetsingscommissies niet zorgvuldig was.

Mevrouw Dijkstra (D66): Waarom denkt de fractie van de ChristenUnie dat de toetsingscommissie niet heeft voldaan aan de eisen? Heeft zij niet voldoende zorgvuldig naar dit geval gekeken, terwijl dit bij andere gevallen wel is gebeurd? Wat is dan precies het moment waarop de ChristenUnie zegt: nu zijn ze waarschijnlijk de fout ingegaan?

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): In dit specifieke geval heb ik vragen over de gang van zaken. Er is niet zoals gebruikelijk het advies van een tweede SCEN-arts ingeroepen. Tegelijkertijd ben ik nagegaan wat er in de wet is vastgelegd en welke afspraken er op andere vlakken zijn. Dat bracht mij tot de conclusie dat het gek is dat toetsingscommissies niet toetsbaar zijn. Ik vind het wenselijk dat het oordeel van het OM vaker ingeroepen kan worden. Ik was bezig, redenen op te sommen waarom je dat zou moeten doen. Dat is als omstanders of andere betrokkenen of deskundigen reden hebben te vermoeden dat de gang van zaken in strijd met het oordeel van de toetsingscommissies niet zorgvuldig was. Daar moet dan echt reden voor zijn. Of dat er sprake is van een ontwikkeling waarbij je je kunt afvragen of het wel om levensbeëindiging op basis van een vrijwillig en weloverwogen verzoek gaat in een situatie van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Dat lijken mij goede redenen om het oordeel van het OM in te roepen.

Mevrouw Dijkstra (D66): Ik vraag dit vooral omdat dit soort vragen niet gesteld worden bij andere gevallen die getoetst worden door de toetsingscommissies. Mevrouw Wiegman geeft zelf al aan dat het een uitzondering is. Hoe zit het met de andere gevallen waar de toetsingscommissie over oordeelt. Vindt zij dat daar ook een nadere toetsing nodig is?

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): In zijn algemeenheid zou ik willen stellen dat de toetsingscommissies altijd toetsbaar zouden moeten zijn. Je hoeft niet altijd het oordeel van het OM in te roepen, maar het lijkt mij van groot belang dat dit principe in de wet wordt geregeld. Wat dit specifieke geval betreft, heb ik uitgelegd wat ik in de rapportage van de toetsingscommissie heb gelezen. Er is heel veel aandacht in de media voor dit geval geweest. Sommige deskundigen concluderen dat hiermee is aangetoond dat euthanasie op een dementerende mag. Het lijkt mij ontzettend belangrijk dat er een helder onafhankelijk juridisch oordeel over dit geval komt. Dat komt de zorgvuldigheid van het werk van de toetsingscommissies alleen maar ten goede.

Mevrouw Van Miltenburg (VVD): Bij het begin van uw inbreng zei u dat de wet er is en dat die zorgvuldig moet worden nageleefd. Met dit verzoek gaat u rechtstreeks in tegen de bedoeling van de wet. Er zijn zorgvuldigheidscriteria in de wet opgenomen. Dat zijn geen redenen om een verzoek te mogen doen. De zorgvuldigheidscriteria betreffen het handelen. De toetsingscommissies zijn ingesteld om te voorkomen dat wanneer is voldaan aan de zorgvuldigheidseisen, het OM er toch naar kijkt. U wilt eigenlijk de Euthanasiewet afschaffen. Dat snap ik wel gezien uw achtergrond, maar dan moet u dat ook eerlijk zeggen. U wilt het hart uit de Euthanasiewet halen en daarmee stelt u de facto voor om de wet af te schaffen.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Ik zou dolgraag de euthanasiewet afschaffen. Dat is helemaal geen geheim. Waar het mij om gaat, is het volgende. Ik doe hierbij ook een appel op mijn collega's. Er zouden geen principiële bezwaren moeten zijn tegen het toetsen van toetsingscommissies. Het gaat om zaken van leven en dood. Euthanasie valt nog steeds onder het Wetboek van Strafrecht en dat moet ook zo blijven. Euthanasie is in principe strafbaar en dan is er toch niks mis met zorgvuldigheid. Zeker in het licht van de enorme toename van het aantal meldingen zouden wij met elkaar moeten zeggen dat het een goed idee is om de toetsingscommissies te toetsen. De wet moet nageleefd worden, maar dit gat zouden wij met elkaar moeten dichten. Andere commissies, zoals de commissie Gelijke Behandeling, zijn ook toetsbaar. Dat zouden wij normaal moeten vinden.

Mevrouw Van Miltenburg (VVD): U gaat eraan voorbij dat deze toetsingscommissie, anders dan de commissies zoals de commissie Gelijke Behandeling, juist is ingesteld om te voorkomen dat het Openbaar Ministerie naar deze zaken kijkt als voldaan is aan de zorgvuldigheidscriteria. Op het gat tussen uw redenering en dat u vindt dat de toetsingscommissies getoetst moeten worden, gaat u niet in.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Dan kan ik dus heel simpel herhalen wat ik zojuist heb gezegd. Je moet een oordeel van het OM kunnen vragen als er reden is om te vermoeden dat de gang van zaken in strijd met het oordeel van de toetsingscommissie niet zorgvuldig was. Als daar reden voor is, moet je dat oordeel kunnen inroepen. Dat moet ook kunnen als er een ontwikkeling is waarbij je je kunt afvragen of er wel of geen sprake is van levensbeëindiging op basis van een vrijwillig en weloverwogen verzoek in een situatie van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Dat zijn precies de onderdelen die in de Euthanasiewet worden genoemd. Het is belangrijk dat de toetsingscommissies hun werk blijven doen, maar dan is er niks mis mee dat het OM zijn oordeel kan geven op het moment dat daar redenen voor zijn.

Mevrouw Voortman (GroenLinks): U zegt: op het moment dat er reden is om te denken dat het oordeel van de toetsingscommissie niet zorgvuldig tot stand is gekomen, kan het OM om zijn oordeel worden gevraagd. Zou het dan ook andersom kunnen? Dan zou je via de rechter het recht op euthanasie kunnen afdwingen. Volgens u kan er sprake zijn van onzorgvuldigheid als het euthanasieverzoek wordt toegekend. In andere gevallen kan echter ook sprake zijn van onzorgvuldigheid.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Mevrouw Voortman doet nu net alsof zorgvuldigheidscriteria geldigheidscriteira voor patiënten zijn. Dat is niet zo. Euthanasie is strafbaar. De wet biedt een strafuitsluitingsgrond voor artsen. De toetsingscommissie moet toetsen of dit zorgvuldig gebeurt. Ik vind dat er altijd ruimte moet zijn voor het OM om daar een oordeel over te vellen.

Mevrouw Voortman (GroenLinks): Dan komen we op de discussie over strafbaarstelling van euthanasie. Die discussie ga ik heel graag met mevrouw Wiegman aan, maar dat zal ik in mijn eigen bijdrage doen.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Ik zie uit naar de bijdrage van mevrouw Voortman. Het is helder dat wij kennelijk al zover zijn met denken over toepassen van euthanasie dat de vraag of euthanasie strafbaar moet zijn al een kwestie is. Of je nu een voor- of tegenstander bent, wij moeten erop kunnen vertrouwen dat het er zorgvuldig aan toe gaat en dat niet lichtvaardig of zelfs tegen de wil van iemand in tot levensbeëindiging wordt overgegaan. De rechtsstaat moet daartegen bescherming bieden. Ik krijg graag een reactie op mijn inbreng en op hetgeen zojuist is gewisseld.

De voorzitter: Wilt u afronden?

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): De boodschap dat euthanasie bij dementerenden mag, echoot nog wat na in mijn hoofd. Waar gaan wij dan heen in ons land met een toenemend aantal dementerenden? Wat is er aan de hand dat dementie door steeds meer mensen wordt beoordeeld als mensonwaardig met daaraan verbonden de conclusie dat je er maar beter niet kunt zijn dan dementerend in een verpleeghuis te worden opgenomen. Dementie is een ingrijpende ziekte en wordt als een groot en groeiend probleem ervaren, maar dat los je niet op met een zelfgekozen dood.

Voor meer informatie zie ook www.tweedekamer.nl.


Labels
Bijdragen
Esmé Wiegman

« Terug

Archief > 2011 > november