Bijdrage Arie Slob aan Algemeen Overleg Werktijdverkorting en stremming in de Rijn.

woensdag 08 juni 2011 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Fractievoorzitter Arie Slob en de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een algemeen overleg gevoerd met minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Onderwerp:    Werktijdverkorting en stremming in de Rijn

Kamerstuk:    30 523

Datum:             8 juni 2011

De heer Slob (ChristenUnie): Voorzitter. Dank u wel, ook voor de coulance waardoor ik hier mag aanschuiven. U zei dat het AO gaat over het uitvoeren van de motie, maar misschien kunnen wij beter zeggen: het niet uitvoeren van de motie. De minister heeft het in zijn wijsheid namelijk nodig geacht om de Kamer een brief te sturen waarin hij schrijft dat de motie niet wordt uitgevoerd. Dat zijn toch wel bijzondere situaties.

De situatie voor de binnenvaartschippers was ook heel bijzonder. Wij hadden bij de Lorelei te maken met de grootste stremming op de Rijn in de naoorlogse geschiedenis. Om die reden heb ik eind januari minister Schultz naar de Kamer geroepen om haar erover te bevragen. Minister Kamp heeft haar toen vervangen. Zijn reactie namens het kabinet -- het kabinet spreekt natuurlijk altijd met één mond; mevrouw Schultz zou dit waarschijnlijk ook hebben gezegd -- was dat de schippers zich maar hadden moeten verzekeren voor deze risico's. Dit was een bedrijfsrisico, zo zei hij. Nu hebben wij in de afgelopen maanden een aantal situaties gekend waarbij ondernemers werden geconfronteerd met zaken van buitenaf die zwaar insloegen in hun bedrijfsvoering. Ik denk aan de komkommers; dat is het meest recente geval. Ik denk ook aan de spruitjes bij Moerdijk. Daarbij zijn wel regelingen getroffen en worden er financiële middelen beschikbaar gesteld. Dat vind ik overigens terecht; laat ik dat er duidelijk bij zeggen. Wel ben ik het spoor een beetje bijster. Eigenlijk wil ik het kabinet vragen om de Kamer helderheid te geven over de vraag wanneer er sprake is van een bedrijfsrisico. Wanneer voelt het kabinet zich wel in de gelegenheid om bij te springen en wanneer niet? Die helderheid zou het misschien kunnen geven door middel van een notitie. Als wij die helderheid hebben, kunnen wij één lijn trekken. Ik heb het idee dat er nu met twee maten wordt gemeten.

Minister Kamp was duidelijk over de motie. Op basis van zijn antwoord hebben veel ondernemers gedacht dat zij niet op de overheid zouden kunnen rekenen. Dientengevolge heeft een groot aantal ondernemers geen aanvraag meer gedaan inzake werktijdverkorting. Vervolgens bleek dat een aantal ondernemers die wel gekregen had. Een meerderheid van de Kamer heeft toen gezegd dat het haar niet meer dan redelijk leek dat men met terugwerkende kracht de gelegenheid krijgt om alsnog gebruik te maken van de werktijdverkorting. Ik vraag de minister dringend om de motie uit te voeren en om deze ruimte te bieden. Het lijkt ons niet meer dan redelijk, mede op basis van de uitspraken die de minister zelf in de Kamer heeft gedaan. Hij heeft daarbij niet gezegd dat deze ondernemers van de werktijdverkorting gebruik zouden kunnen maken. Mensen zijn op het verkeerde been gezet. Dat is niet bewust gebeurd -- daar ga ik niet van uit -- maar het is wel de feitelijke, materiële situatie geweest. Ik hoop dat de minister in dit overleg alsnog die ruimte wil bieden. Mocht dat niet het geval zijn, dan zal ik de Kamer opnieuw om een uitspraak vragen. Dat is jammer, want er is al een Kamermeerderheid die zich achter dit verzoek heeft geschaard. Wij vinden dat er alle reden is om de getroffen binnenvaartschippers -- het gaat om de grootste stremming in de naoorlogse geschiedenis, zoals ik al zei -- gebruik te laten maken van deze regeling. Nu heeft een groot aantal van hen nul op het rekest gekregen.

Voor meer informatie zie ook www.tweedekamer.nl.

 


Labels
Arie Slob
Bijdragen

« Terug

Archief > 2011 > juni