Bijdrage Carla Dik-Faber aan het voortgezet algemeen overleg Deltaplan Dementie

dinsdag 28 mei 2013 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Carla Dik-Faber als lid van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan een voortgezet algemeen overleg met minister Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en staatssecretaris van Rijn van Volksgezondheid, Welzijn en Sport 

Onderwerp:   VAO Deltaplan Dementie (AO d.d. 22/05)

Kamerstuk:    25 424

Datum:            28 mei 2013

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Voorzitter. Ik dien één motie in.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het aantal dementerenden toeneemt;

overwegende dat de regering naast het Deltaplan Dementie ook met een visie komt op de wijze waarop de samenleving kan worden voorbereid op een toename van het aantal dementerenden, waarbij aandacht wordt gegeven aan het stigma en de schaamte rond dementie;

van mening dat veel mensen ten onrechte denken dat het leven geen kwaliteit meer heeft als ze getroffen worden door een vorm van dementie;

verzoekt de regering, een bijdrage te leveren om het ongenuanceerde en onvolledige beeld van dementie binnen de samenleving weg te nemen en de kwaliteit van leven bij dementie te benadrukken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Dik-Faber. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 208 (25424).

Mevrouw Pia Dijkstra (D66):

Ik hoor graag wat mevrouw Dik nu precies beoogt met haar motie. Die klinkt namelijk heel breed. Ik vraag mij af wat er aan bewindspersonen gevraagd wordt met de opdracht: zorg ervoor dat de kwaliteit van leven wordt benadrukt. Moeten wij gaan zeggen: mensen met alzheimer hebben een prachtig leven?

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Ik ben heel blij met deze vraag want daardoor kan ik een nadere toelichting geven op de motie. Wij hebben tijdens het algemeen overleg al met elkaar geconstateerd dat in het Deltaplan Dementie is gekozen voor een heel medische insteek. Wij hebben gezegd dat het goed is om niet alleen naar die medische kant maar ook naar de maatschappelijke kant van het verhaal te kijken. Als de samenleving straks te maken krijgt met veel meer dementerenden, dan heeft iedereen ermee te maken: een kind, een buurman, een buurvrouw. In alle straten zullen mensen met dementie wonen. Mensen blijven ook langer thuis wonen en daarom is het goed om de samenleving daarop voor te bereiden. In het overleg heeft de staatssecretaris een toezegging gedaan waarmee wij heel blij waren. Wij hebben tijdens het AO echter ook met elkaar gesproken over de kwaliteit van leven. Op dit moment is de heersende gedachte in de samenleving dat de kwaliteit van leven niet mogelijk is bij dementie. Dementie is een gruwelijke ziekte en daar wil ik echt niets aan afdoen, maar de ziekte voltrekt zich wel in bepaalde fasen. Leven met dementie kan ook kwaliteit hebben. Wij vinden het belangrijk dat zowel in het Deltaplan Dementie als in de visie die het kabinet nu gaat opstellen dat een notie is die wordt meegenomen. Vandaar deze motie.

Mevrouw Pia Dijkstra (D66):

Ik vraag hier vooral naar omdat wij inderdaad de volmondige toezegging hebben gekregen van de staatssecretaris dat in het Deltaplan gestalte zal worden gegeven aan de voorbereiding van de samenleving op een grote hoeveelheid mensen die leiden aan dementie. Ik vraag mij af of per motie en per uitspraak van een kabinet is te regelen dat de samenleving vindt dat er kwaliteit van leven is. Dat is toch iets wat iedereen zelf moet beoordelen. Mij lijkt dat niet iets wat in een Deltaplan Dementie moet worden vastgelegd.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Als wij een Deltaplan Dementie schrijven, dan is daarmee niet in één keer de samenleving veranderd. Ik vind het echter wel een taak van de volksvertegenwoordiging om een discussie aan te zwengelen. Daarmee komt de notie van ruimte voor dementie in de samenleving en kwaliteit van leven in de gesprekken in de Kamer en in de beleidsstukken van dit kabinet naar voren. Dan hebben wij de discussie in gang gezet. Als wij helemaal niets doen, dan gebeurt het helemaal niet. Ik grijp graag deze mogelijkheid aan om dit element van de discussie aan te wakkeren.

Mevrouw Leijten (SP):

We hebben een best wel goed overleg gevoerd over dit Deltaplan. Dat gaat ook nog fors vervolg krijgen. Daarbij zijn maatschappelijke organisaties betrokken en noem maar op.

Hoezeer wij ook van mening verschillen, bijvoorbeeld over maatregelen die dit kabinet neemt, ik heb totaal niet de indruk dat bij de opstellers van het plan, bij de regering of bij de bevolking, het beeld bestaat dat dementie altijd betekent dat je geen kwaliteit van leven meer hebt. Ik kan eigenlijk niet zoveel met de motie. Ik kan ook niet zoveel met de uitdrukking, omdat ik het simpelweg niet herken. Ik herken niet dat mensen die bezig zijn met zorgen voor mensen met dementie, zeggen: als je dat eenmaal hebt, is het afgelopen. Volgens mij is dat gewoon onjuist.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Mevrouw Leijten, ik zou hopen dat dit beeld onjuist is. Ik krijg ook heel veel signalen uit onze achterban dat dit niet het geval is en dat er toch een negatief denken over dementie bestaat, natuurlijk ingegeven door het feit dat het een gruwelijke ziekte is. Dit negatieve beeld wakkert ook het stigma en de schaamte aan. Ook daarnaar heb ik verwezen in mijn motie. Ik zou het heel goed vinden als vanuit deze Kamer, vanuit de volksvertegenwoordiging, ook het andere verhaal verteld werd, namelijk dat het leven niet direct ophoudt als je alzheimer of dementie hebt. Dat wil ik met deze motie naar voren brengen.

Mevrouw Leijten (SP):

Volgens mij heeft niemand gezegd dat het leven ophoudt. Volgens mij maken wij een deltaplan en hebben wij heel veel zorg en aandacht voor ouderen, juist omdat wij weten dat het niet ophoudt. Ik denk dat niet alleen in de toekomst iedereen te maken krijgt met dementie, maar dat dit nu al zo is. Iedereen kent wel iemand die dement is en heeft gezien hoe dat proces verloopt. Dus herken ik dit niet en dat zal voor mij reden zijn om mijn fractie voor te stellen, niet voor de motie te stemmen. Wij zullen in gesprek blijven over maatregelen op het gebied van thuiszorg, ouderenzorg en noem maar op. Dat is evident, maar dit herken ik op dit moment echt onvoldoende om voor de motie te kunnen stemmen.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Nog een korte reactie: in het Deltaplan Dementie wordt vrijwel niet gesproken over kwaliteit van leven, wat nog mogelijk is als je dementie hebt. Wat wel met grote letters in de nota staat, zijn de verwoestende effecten van deze ziekte. Natuurlijk, het is een heel verschrikkelijke ziekte, maar ik zou het jammer vinden als daardoor het stigma wordt aangewakkerd. Dat is de reden waarom ik deze motie heb ingediend.

Mevrouw Pia Dijkstra (D66):

Voorzitter ...

De voorzitter:

Nee, mevrouw Dijkstra, het is een VAO. U hebt uitgebreid een algemeen overleg over dit onderwerp gevoerd. U komt er vast nog vaker over te spreken.

 


Labels
Bijdragen
Carla Dik
Volksgezondheid
Zorg, Welzijn & Sport

« Terug

Archief > 2013 > mei