Bijdrage van Cynthia Ortega-Martijn aan het plenair debat kindgebonden budget.

dinsdag 27 september 2011 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Cynthia Ortega-Martijn in een plenair debat met minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Onderwerp:     Kindgebonden budget

Kamerstuk:   

Datum:              27 september 2011

Voorzitter. De fractie van de ChristenUnie vindt het belangrijk dat ouders zelf de keuze kunnen maken hoe zij de zorg voor hun kinderen willen invullen. Het kindgebonden budget biedt nu nog deze mogelijkheid. Ook sluit het uitstekend aan bij de visie van het kabinet om verantwoordelijkheden neer te leggen waar zij horen, in dit geval bij de ouders. Toch wil het kabinet fors gaan bezuinigen. Het zal geen verrassing zijn dat mijn fractie zich niet kan vinden in het terugdraaien van de verhoging van het kindgebonden budget die nog maar een jaar geleden is ingevoerd. Ook lijkt het erop dat het kindgebonden budget een middel is geworden om gezinspolitiek mee te bedrijven. De beperking tot twee kinderen die het kabinet voorstelde, is onwenselijk. Welke boodschap wil de minister hiermee afgeven? Dat wij in Nederland maximaal twee kinderen mogen krijgen? Graag krijg ik hierop een reactie.

Ook grotere gezinnen hebben behoefte aan inkomensondersteuning. Het wetsvoorstel van het kabinet veroorzaakt een te sterke terugval in het inkomen van grotere gezinnen. Gelukkig is het plan van het kabinet ondertussen bijgesteld. De SGP heeft immers een amendement ingediend om ook grotere gezinnen recht te laten houden op het kindgebonden budget. Het kabinet heeft tijdens de algemene politieke beschouwingen laten weten hierover positief te zijn. De fractie van de ChristenUnie is daar zeer blij over, maar vraagt zich wel af: vanwaar die ommezwaai? Het is voor de grote gezinnen goed nieuws, maar er zit ook een schaduwzijde aan. In het amendement wordt het geld immers weggehaald bij de kleinere gezinnen. Een grote meerderheid van de gezinnen in Nederland heeft een of twee kinderen. Onder deze gezinnen zijn er ook die moeilijk kunnen rondkomen. Deze gezinnen mogen niet in de problemen komen. Kan de minister inzicht geven in de gevolgen van het SGP-amendement voor de koopkracht van de kleinere gezinnen? Bij hoeveel van deze gezinnen is sprake van lage inkomens?

Het kabinet zelf heeft in zijn begroting ook een opmerkelijk aanvullend voorstel gedaan. Ik heb het dan natuurlijk over het plan van het kabinet om de kinderbijslag te verlagen. Het vrijgekomen geld wordt dan weer bijgeplust bij het kindgebonden budget. Op het eerste gezicht lijkt het erop dat het kindgebonden budget door dit voorstel iets omhooggaat. Het effect is echter niet voor alle gezinnen gelijk. Nu is het doel van het kabinet om gezinnen met een laag inkomen te ontzien. Volgens de tweede nota van wijziging gebruikt het kabinet het geld dat extra naar de gezinnen met één kind zal gaan om de dekking te regelen voor het bereiken van het uitbreiden van het kindgebonden budget voor de grotere gezinnen. Dit is positief vanuit de onderlinge solidariteit tussen gezinnen. Grote en kleine gezinnen moeten echter niet tegen elkaar worden uitgespeeld. Toch wil ik hierbij een vraag stellen aan de minister. Een deel van het geld vanuit de kinderbijslag komt nu immers niet terecht bij de gezinnen met lagere inkomens die de minister eerst zou gaan compenseren. Wat doet de minister om te voorkomen dat deze gezinnen in de problemen raken? Ik wil van de minister de garantie dat gezinnen hierdoor niet in financiële problemen zullen terechtkomen.

Het kabinet ontwikkelt overigens momenteel een toekomstperspectief en bijbehorende beleidsvoorstellen voor de samenhang, de transparantie en de effectiviteit van het stelsel van kindregelingen. Wil de minister nu al uitspreken dat het kindgebonden budget in de toekomst ook gehandhaafd blijft? In een tijd waarin Nederland geconfronteerd zal worden met de gevolgen van vergrijzing en ontgroening is het volgens de fractie van de ChristenUnie juist aan te bevelen om gezinnen te koesteren door de combinatie van arbeid en zorg te blijven stimuleren, ook bij gezinnen met meer dan twee kinderen.

Mevrouw  Koser Kaya (D66):

Mevrouw Ortega-Martijn stipt een heel belangrijk onderdeel van dit wetsvoorstel aan. Ik ben het met haar eens dat grote gezinnen ook niet onder bestaansminimum moeten geraken. Daar moet je dus heel goed naar kijken. Mevrouw Ortega-Martijn zegt echter terecht dat gezinnen met een of twee kinderen moeten betalen voor de grote gezinnen. Zij vraagt of dat niet problematisch is en of dat wel solidair genoemd zou kunnen worden. Zo begrijp ik althans de woorden van mevrouw Ortega-Martijn. Zegt zij daarmee dat zij dit wetsvoorstel niet kan steunen of vindt zij dat het anders moet en hoe zou dat dan moeten?

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Ik heb aangegeven dat wij dit wetsvoorstel sowieso niet zullen steunen. Ik ben ermee begonnen dat het geen verrassing zal zijn dat de ChristenUnie het wetsvoorstel niet gaat steunen. De ChristenUnie is geen voorstander van het terugdraaien van iets waar een jaar geleden mee is begonnen. Voor het geval dit van tafel gaat, heeft de ChristenUnie in de algemene politieke beschouwingen een motie ingediend waarin een andere dekking hiervoor werd gegeven.

Mevrouw  Koser Kaya (D66):

De tegenstem van de ChristenUnie heeft dus te maken met het feit dat het kindgebonden budget een stimulans is om in feite niet op de arbeidsmarkt te komen. Zodra iemand een inkomen boven een bepaald maximum heeft, dan krijgt hij die toeslag immers niet. Is het feit dat dit emancipatieremmend is, dus doorslaggevend voor de ChristenUnie? Mevrouw Ortega-Martijn maakte namelijk zonet het punt dat gezinnen met twee kinderen niet moeten betalen voor gezinnen met meer kinderen.

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Mevrouw Koser Kaya haalt een aantal zaken door elkaar. De ChristenUnie vindt sowieso dat ieder gezin vrij is om aan te geven of het wel of niet zelf voor de kinderen wil zorgen. In die zin is de ChristenUnie dus een voorstander van het kindgebonden budget. Sterker nog, wat ons betreft moet er bij het bundelen van de verschillende kindregelingen één regeling komen, namelijk het kindgebonden budget. Geef de gezinnen gewoon zelf de verantwoordelijkheid en de keuze voor het inrichten van de zorg. Daar staat de ChristenUnie voor.

Mevrouw  Koser Kaya (D66):

De ChristenUnie vindt het dus belangrijker dat mensen wel een toeslag krijgen en dan maar niet op de arbeidsmarkt komen dan dat deze mensen geprikkeld worden om wel de arbeidsmarkt op te gaan.

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

De ChristenUnie vindt dat mensen zelf de keuze moeten hebben om binnen hun gezin te bezien op welke wijze ze omgaan met de zorg voor hun kinderen.

De heer  Van Hijum (CDA):

Mevrouw Ortega-Martijn is kritisch over de in mijn ogen bescheiden ingreep in de kindregelingen. Die ingreep is er en daar lopen wij ook niet voor weg. Kan mevrouw Ortega-Martijn zich herinneren welke maatregel minister Rouvoet in het vorige kabinet nam als reactie op de uit de hand lopende kosten voor de sociale zekerheid op dat moment en welk bedrag daarmee gemoeid was?

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Nee, dat weet ik niet zo uit mijn hoofd. Ik hoor het graag van de heer Van Hijum.

De heer  Van Hijum (CDA):

Ik kan dat antwoord wel geven. Dat was 290 mln. als gevolg van de bevriezing van de kinderbijslag en het kindgebonden budget voor 2010 en 2011 en als gevolg van het terugdraaien van de verhoging van het kindgebonden budget in 2010. Valt dit eigenlijk allemaal ook niet een klein beetje mee, als je het beziet in het perspectief van het probleem van de overheidsfinanciën waarmee wij zitten en waarmee ook de fractie van de ChristenUnie wordt geconfronteerd?

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Ik herinner de heer Van Hijum eraan dat de fractie van de ChristenUnie ook vanuit een duale positie handelt. De fractie is nooit akkoord gegaan met het terugdraaien van de verhoging van het kindgebonden budget.

De heer  Van Hijum (CDA):

Dat is volgens mij feitelijk onjuist, want in de vorige periode is dat wel gebeurd. De intensivering van het kindgebonden budget in 2010 is niet tot uitkering gekomen omdat er bezuinigd moest worden en de bedragen zijn bevroren. De duale opvatting lijkt in tijden van oppositie dus wat nadrukkelijker aanwezig te zijn dan in tijden van regeringsverantwoordelijkheid.

Mevrouw Ortega zegt verder dat gezinnen met twee kinderen worden getroffen door dit kabinetsvoorstel, maar waaruit leidt zij dit af? In de tabel is te zien dat het bedrag voor het eerste kind van €1011 naar €1017 gaat en voor het tweede kind van €455 naar €461, ook volgens het kabinetsvoorstel. Wat is dus het probleem?

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Het probleem heb ik de minister voorgelegd in de vorm van een vraag. We willen het geld aan de gezinnen met de lagere inkomens besteden en de vraag is of die gezinnen met de oplossing van de minister uit de financiële problemen komen. Dat heb ik de minister gevraagd.

De heer  Van Hijum (CDA):

Onderschrijft mevrouw Ortega mijn conclusie dat gezinnen met twee kinderen met deze maatregel de facto worden ontzien en dat dat eigenlijk een heel goede zet van dit kabinet is?

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Laat ik het zo zeggen: iedereen heeft een stukje uit de koek gekregen.

De heer  Dijkgraaf (SGP):

Ik wil dit punt even scherp hebben. Betalen de kleine gezinnen de rekening voor de grote gezinnen? Dat is een belangrijke vraag. Nu geldt een bedrag van €1011 voor het eerste kind; daar komt €6 bij per 1 januari 2012. Als er een tweede kind bij komt, ontvangt men dit jaar €1466; daar komt €12 bij in 2012. Ook de kleine gezinnen gaan er per saldo dus op vooruit.

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Dat heb ik ook gezegd in mijn betoog. Er lijkt inderdaad sprake te zijn van een lichte verhoging, maar het effect is niet gelijk voor alle gezinnen. Daarom heb ik de minister gevraagd of dit echt opgaat voor gezinnen met een laag inkomen.

De heer  Dijkgraaf (SGP):

Daar is deze regeling precies voor bedoeld. Als het SGP-amendement niet was overgenomen door de regering, zou de verhoging voor de kleine gezinnen nog groter zijn, maar de verlaging voor de grote gezinnen zou ook groter zijn. Dat is toch niet wat de ChristenUnie voorstaat?.

Mevrouw  Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Nee, dat is inderdaad niet wat de ChristenUnie voorstaat. Ik heb ook gezegd dat we blij zijn met het amendement van de heer Dijkgraaf, maar er zit wel een kleine schaduwzijde aan. Dat betekent niet dat wij het amendement pertinent afwijzen.

Voor meer informatie zie ook www.tweedekamer.nl.

 

Labels
Bijdragen
Cynthia Ortega

« Terug

Archief > 2011 > september