Overleg over de marktwerking in het stedelijk OV

woensdag 03 oktober 2007 16:12

De heer Anker (ChristenUnie) wil de grote steden niet uitsluiten van de
aanbestedingsplicht en heeft de motie dienaangaande dan ook niet ondersteund.
Zijn fractie wilde de Wp2000 niet in zo’n laat stadium aanpassen,
achtte de juridische risico’s met betrekking tot de interpretatie van de
PSO-verordening te groot en vindt een tweedeling in het stads- en streekvervoer
onwenselijk.

De motie werd echter door een Kamermeerderheid gesteund en het
verdient waardering dat de minister haar uitvoert, al ziet de heer Anker
enige hobbels op de weg. De stadsregio’s zijn nu niet ontslagen van hun
verantwoordelijkheid om zo efficiënt mogelijk te werken en zo goed
mogelijk ov te bieden. Wat gaat de staatssecretaris doen om dat te
bereiken? Op dit moment ligt een zware verantwoordelijkheid bij de stadsregio’s.
Zou de ov-autoriteit in oprichting daar een rol in kunnen spelen?

In het vorige overleg is uitgebreid stilgestaan bij de interpretatie van de
PSO-verordening. Ten aanzien van de interpretatieverschillen meent de
staatssecretaris dat alleen de rechter per concreet geval kan beoordelen of
de stadsregio’s voldoen aan de uitzonderingsmogelijkheid om niet te
hoeven aanbesteden. Hoe groot zijn de risico’s als een regio niet blijkt te
voldoen aan de Europese regels? Zijn die draagbaar voor de stadsregio’s?

Gaan de stadsregio’s hiermee akkoord? De gevolgen mogen niet bij het
Rijk komen te liggen. Is de staatssecretaris het eens met de commerciële
vervoerders dat de stadsregio’s verplicht moeten worden om voor
1 januari 2009 te voldoen aan de PSO-verordening?

De staatssecretaris wil de marktconformiteit van het stadsvervoer periodiek
toetsen aan de hand van een benchmark. Hoe wil zij dit doen, gezien
het feit dat de commerciële vervoerders geen bedrijfsgevoelige informatie
willen verstrekken? Heeft het instellen van een benchmark door het ministerie
geen ongewenste juridische gevolgen in het geval dat de rechter of
de Europese Commissie de commerciële vervoerders gelijk geeft?

Het kan niet zo zijn dat gemeentelijke vervoersbedrijven straks concurreren
met commerciële bedrijven zonder dat er sprake is van een level
playing field. Wat betekent de brief van de staatssecretaris voor de nevenactiviteiten
van de GVB’s en de vennootschapsbelasting? Hoe wordt ongeoorloofde
kruissubsidiëring voorkomen en gecontroleerd? Worden hiervoor
regels opgenomen in de Wp2000?

De fractie van de ChristenUnie is niet gelukkig met de aangenomen motie,
maar steunt de staatssecretaris in haar voornemen om uit te voeren waar
een Kamermeerderheid voor heeft gekozen. De regio’s zijn nu aan zet.

Nadere gedachtewisseling
De heer Anker (ChristenUnie) vraagt zich af of nevenactiviteiten van
gemeentelijke vervoersbedrijven onder dezelfde regels vallen als activiteiten
van commerciële bedrijven. Ziet Europa een benchmark eveneens
als een vrijwillige activiteit waar vervoerders naar eigen goeddunken wel
of niet aan mee kunnen doen?

Labels
Bijdragen
Ed Anker

« Terug

Reacties op 'Overleg over de marktwerking in het stedelijk OV'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Archief > 2007 > oktober