Bijdrage Carla Dik-Faber aan een wijziging van de Tabakswet ter implementatie van Richtlijn 2014/40/EU, inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten

donderdag 28 januari 2016 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Carla Dik-Faber als lid van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan een plenair debat met staatssecretaris van Rijn van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Onderwerp:   Wijziging van de Tabakswet ter implementatie van Richtlijn 2014/40/EU, inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten

Kamerstuk:    34 234          

Datum:           28 januari 2016

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Voorzitter. Elke dag beginnen ongeveer 125 minderjarige kinderen met roken. De SP had het over ongeveer 100 kinderen per dag. Of het er nu 100 of 125 zijn, het zijn er gewoon 100 of 125 te veel. Het is zorgelijk. Alle inzet moet erop gericht zijn om te voorkomen dat een nieuwe generatie verslaafd raakt. Als je als tiener begint met roken, is het veel moeilijker om later te stoppen.

Gelukkig is er geen discussie meer over de risico's van roken. Roken is heel erg slecht voor je gezondheid. Elk jaar sterven in Nederland 19.000 mensen door aandoeningen die veroorzaakt zijn door roken. En dan heb ik het nog niet eens over het aantal mensen dat overlijdt als gevolg van meeroken. Afgelopen jaar is een aantal belangrijke stappen gezet om het tabaksgebruik in onze samenleving terug te dringen. Ik denk aan het rookverbod in de horeca en aan het convenant over een display ban waar de staatssecretaris nu aan werkt, na een motie van de Partij van de Arbeid en de ChristenUnie. Heel goed, want tabak zien, doet roken. Maar er kan nog veel meer gebeuren en dat is ook nodig, want roken is niet stoer en verslaving is geen vrije keuze. Laten wij er met elkaar voor zorgen dat onze jongeren gezond opgroeien, vrij van verslavingen.

Vandaag spreken wij over de implementatie van de Europese tabaksproductenrichtlijn. Mijn fractie is hierover in het algemeen zeer te spreken omdat deze richtlijn het ontmoedigingsbeleid ondersteunt. Eén van de onderdelen van de richtlijn bepaalt dat verpakkingen van tabaksproducten voor twee derde bedekt moeten zijn met gezondheidswaarschuwingen, afschrikwekkende plaatjes en informatie over diensten die helpen om te stoppen met roken. Ook het toevoegen van kenmerkende aroma's wordt aan banden gelegd. Dat is allemaal mooi, maar wat mijn fractie betreft kan de implementatie van de richtlijn op onderdelen scherper. Ik heb hiertoe een aantal amendementen ingediend.

Zo las ik in de richtlijn dat de tabaksindustrie zelf een systeem moet opzetten om informatie te verzamelen over vermoedelijk schadelijke effecten van roken. Dit is toch de slager die zijn eigen vlees keurt. Ter vergelijking: de NAM, de Nederlandse Aardoliemaatschappij, heeft bij wet de taak om onderzoek te doen naar de gevolgen van gaswinning. Een paar dagen geleden nog heeft de Kamer hierover in deze zaal gesproken. We zien dat deze taakopdracht aan de NAM resulteert in onderzoeken die onvoldoende zijn of onderzoeken die helemaal niet uitgevoerd worden. Hebben wij hiervan dan niets geleerd? Dit laten wij toch bij de tabaksindustrie niet gebeuren? En we zadelen de NVWA, die hierop moet toezien, met een onmogelijke opdracht op. Het opzetten van een onderzoeksysteem door de tabaksindustrie is voorgeschreven in de Europese richtlijn en wij kunnen daarvan dus ook niet afwijken. Laten wij dan in ieder geval bij AMvB hiervoor regels opstellen. Ik heb hierover een amendement ingediend en hoop uiteraard op een positieve reactie van de staatssecretaris.

Er staat een bepaling in de wet dat bedrijfs- of fabricagegegevens niet openbaar gemaakt hoeven te worden als dat niet opweegt tegen het belang van openbaarmaking. Dus: stofjes die het roken aantrekkelijk maken, moeten worden geregistreerd, maar als dit het bedrijfsbelang schaadt, dan hoeft dat ineens niet. Er is geen ander belang voor openbaarmaking dan het belang van de volksgezondheid. Voor mijn fractie weegt volksgezondheid altijd zwaarder dan bedrijfsbelangen. Ik heb dan ook een amendement ingediend om dit artikel aan te passen.

In de wet wordt ook een en ander geregeld voor reclame voor tabaksproducten. Reclame is in principe verboden, maar dan volgt een hele trits uitzonderingen. Wat de ChristenUnie betreft, is reclame in tabaksspeciaalzaken te billijken, maar in levensmiddelenzaken en in warenhuizen zeker niet. Daarom heb ik een amendement ingediend om de mogelijkheid van tabaksreclame in levensmiddelenzaken en warenhuizen uit de wet te halen. De staatssecretaris werkt aan een display ban in levensmiddelenzaken, maar reclame zou dan wel toegestaan zijn? Dat is tegenstrijdig. Ik kan mij dan ook niet anders voorstellen dan dat de staatssecretaris dit amendement omarmt.

Het valt mij op dat de wet bol staat AMvB's, ministeriële regelingen et cetera et cetera. Er moet nog heel erg veel worden uitgewerkt. Gaat dat het komende jaar nog gebeuren? Het lijkt een mooie opdracht voor de staatssecretaris in het laatste zittingsjaar van het kabinet. Graag een reactie. Waar gaat de staatssecretaris dit jaar nog meer mee aan de slag of is hij nu klaar met zijn tabaksontmoedigingsbeleid? Ik las in de schriftelijke antwoorden dat de implementatie van de richtlijn naar verwachting zal leiden tot 2% minder rokers in 2020, naast de eventuele effecten van het tabaksontmoedigingsbeleid dat al is ingezet. Wat is de ambitie van dit kabinet? Durft de staatssecretaris die concreet te maken?

Ik noemde al een aantal keren het belang van kinderen die opgroeien in een gezonde omgeving. Hoe staat het met de ambitie voor rookvrije scholen en rookvrije schoolpleinen? Ik weet dat de staatssecretaris hierover met scholen in gesprek is, maar werkt deze zachte hand wel voldoende? Uit de meest recente cijfers die ik kon achterhalen blijkt dat 53% van de scholen in het voortgezet onderwijs en maar 6% van het mbo volledig rookvrij is. Dat gaat te langzaam. Tot mijn spijt werd een motie van de ChristenUnie en de Partij van de Arbeid om een stok achter de deur te introduceren weggestemd. Daarom heb ik een amendement ingediend om met elkaar af te spreken dat alle scholen in Nederland vanaf 2020 volledig rookvrij zijn. Ik zie namelijk dat scholen wel willen, maar een steuntje in de rug goed kunnen gebruiken. Laat dit dan dat steuntje zijn.

Plain packaging wordt niet ingevoerd omdat het positieve resultaat uit Australië ten aanzien van plain packaging mogelijk beïnvloed is door andere elementen van tabaksontmoedigingsbeleid. Ook heeft de tabaksindustrie in de US en de UK rechtszaken aangespannen tegen voorgenomen plain packaging door de overheid. De staatssecretaris wijst naar deze ontwikkelingen in het buitenland. Natuurlijk moeten we kijken wat we daarvan kunnen leren. Het Europees Hof heeft echter intussen een claim van de tabaksfabrikanten afgewezen. Bovendien hebben wij, de staatssecretaris en de Tweede Kamer, een verantwoordelijkheid voor de gezondheid van de Nederlandse samenleving. Met de richtlijn is gekozen voor eisen aan het uiterlijk van de verpakkingen. Plain packaging staat daar natuurlijk haaks op. Wil de staatssecretaris dan in elk geval de Kamer op de hoogte houden van de situatie in het buitenland en plain packaging als reële optie voor de nabije toekomst houden, bijvoorbeeld als blijkt dat de nieuwe richtlijn onvoldoende werkt? Wanneer worden de effecten van de richtlijn trouwens getoetst?

Additieven zijn binnenkort verboden. Voor menthol als additief geldt echter een overgangsperiode tot 2020, omdat — ik citeer uit de memorie van toelichting — consumenten dan de tijd krijgen om op zoek te gaan naar alternatieven. Dat is een heel wonderlijke opmerking van de staatssecretaris, want additieven zijn na 2020 helemaal niet meer toegestaan. Welk alternatief bedoelt de regering dan? Ik vind eerlijk gezegd dat de overgangsperiode veel te lang is en heb hierover een motie klaarliggen.

Eerder heb ik veel aandacht gevraagd voor rookruimten. Het kan natuurlijk niet zo zijn dat de rookruimte een soort kroeg in de kroeg is. In de praktijk zien we namelijk dat in rookruimten niet alleen gerookt wordt, maar ook hapjes en drankjes geserveerd worden, speeltafels worden neergezet, et cetera. Dat kan niet de bedoeling zijn. Ik hoor van horecaondernemers dat zij oneigenlijke concurrentie ervaren. Niet iedereen heeft immers de ruimte om een aparte gelegenheid voor rokers in te richten. Ik heb een motie klaarliggen die de staatssecretaris oproept om het Besluit uitvoering Tabakswet zodanig te wijzigen dat in rookruimten alleen roken is toegestaan. Daar zijn ze immers voor bedoeld. Wellicht wil de staatssecretaris toezeggen dat hij hiermee aan de slag gaat en is een motie helemaal niet nodig.

Over het aantal verkooppunten heeft mijn fractie talloze malen gesproken. Het liefst zien wij dat de verkoop wordt beperkt tot de tabaksspeciaalzaken. In ons land kun je op ongeveer 9.000 plekken brood kopen. Er zijn nu echter zo'n 30.000 verkooppunten van tabak. Hoe vaak heeft de staatssecretaris niet gezegd toe te werken naar een nieuwe norm en dat die is dat je niet rookt? Dan helpt het niet als je op 30.000 plekken in ons land tabaksproducten kunt kopen. Tabak is everywhere. Er wordt verkocht aan minderjarigen, want de NVWA kan die 30.000 verkooppunten onmogelijk allemaal controleren. Ook zijn er nog de tabaksautomaten in de horeca. Dat zijn plekken waar je niet mag roken, maar waar wel een automaat staat overdekt met reclame met maar één boodschap: kom, koop een pakje en steek een sigaret op. Wil de staatssecretaris ook de verkoop in de horeca aan banden leggen? Ik ben heel erg benieuwd naar het amendement van de SP op dit punt.

De staatssecretaris heeft op vragen van de SP geantwoord dat de verkoop van wijn in boekhandels in strijd is met de Drank- en Horecawet. Dat is heel interessant. Waarom zou je in een boekhandel geen wijn mogen verkopen en wel tabak? Ik hoor graag van de staatssecretaris wat het onderscheid in wetgeving rechtvaardigt. Als wij blurring, het vermengen van functies, niet toestaan bij de verkoop van alcohol, waarom dan wel bij tabak? Ik ben benieuwd welk antwoord de staatssecretaris op deze vraag weet te bedenken.

Tot slot wil ik aandacht vragen voor goede voorlichting, voorlichting aan onze tieners over de schadelijke effecten van roken en meeroken. Ik las dat de staatssecretaris in 2016 met een nieuwe campagne start. Heel goed. Wil hij daarbij KWF Kankerbestrijding en de KNMG betrekken en ook de evaluatie van de campagne NIX18? Ik zie uit naar de antwoorden van de staatssecretaris.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

Labels
Bijdragen
Carla Dik
Zorg, Welzijn & Sport

« Terug

Archief > 2016 > januari